Postduiven kunnen routes samen verbeteren. Dat bleek uit een experiment waarin ervaren en onervaren duiven elkaar tijdens herhaalde vluchten opvolgden. De studie is interessant, maar betekent niet automatisch dat jonge wedstrijdduiven altijd veiliger of sneller leren wanneer ze met oude duiven worden gelost.
Hoe werkte het experiment?
Onderzoekers lieten duiven herhaaldelijk dezelfde route naar huis vliegen. In één groep werd na een aantal vluchten telkens één ervaren duif vervangen door een onervaren dier. Zo ontstond een opeenvolging van vijf ‘generaties’ binnen hetzelfde route-experiment.
Deze groep werd vergeleken met solovliegers en koppels die steeds uit dezelfde twee duiven bestonden.
Wat zagen de onderzoekers?
De opeenvolgende koppels ontwikkelden samen steeds efficiëntere routes. Nieuwe duiven namen kennelijk informatie over en droegen tegelijk bij aan verdere verbetering. De onderzoekers beschreven dit als een eenvoudige vorm van cumulatieve culturele evolutie: informatie wordt sociaal doorgegeven en stap voor stap aangepast.
Het woord ‘generatie’ sloeg in dit experiment op opeenvolgende groepssamenstellingen, niet op ouders en jongen die genetische informatie doorgaven.
Wat bewijst dit niet?
Het onderzoek ging over herhaalde vluchten op één vaste route onder experimentele omstandigheden. Het bewijst niet dat:
- iedere oude duif automatisch een goede leermeester is;
- een jong samen met een oude duif niet kan verdwalen;
- duiven complete routes van hun ouders erven;
- gemengde lossingen voor iedere trainingsfase de beste keuze zijn.
Wat kan een liefhebber ermee?
Een rustige, ervaren duif kan jonge duiven helpen wennen aan vertrek en groepsvlucht. Maar jongen moeten ook zelfstandig leren beslissen en naar hun eigen hok terugkeren. Bouw trainingen daarom stapsgewijs op en wissel, zodra de basis goed is, groepslossingen af met kleine groepjes of individuele lossingen wanneer dat verantwoord is.
Ervaring blijft plaatsgebonden
Een duif die een bepaalde route goed kent, hoeft op een onbekende lossingsplaats niet dezelfde lijn te kiezen. Wind, zicht, groep en landschapskenmerken beïnvloeden de vlucht. Routekennis is dus maar één deel van oriëntatie.
Praktische toepassing zonder haast
- Laat jonge duiven eerst de directe hokomgeving goed leren kennen.
- Begin bij goed zicht en rustige weersomstandigheden.
- Vergroot de afstand geleidelijk.
- Gebruik alleen gezonde, betrouwbare oude duiven als begeleiders.
- Geef voldoende herstel na iedere nieuwe stap.
- Noteer welke samenstelling en route zijn gebruikt.
Bron
Het experiment werd beschreven door Takao Sasaki en Dora Biro in Nature Communications: “Cumulative culture can emerge from collective intelligence in animal groups”.
Verder lezen: Oriëntatie van postduiven | Gedrag begrijpen | Postduiven houden





Geef een reactie