Korte vluchten zijn één ding. Maar fond — lange afstandsvluchten van 500 tot 1000 kilometer — is een ander verhaal. Niet elke duif en niet elke melker is er klaar voor.
Wat vraagt een lange afstandsvlucht van een duif?
- Uithoudingsvermogen — de vlucht duurt uren, soms meer dan een dag
- Vetreserves — energie voor de vlucht wordt opgeslagen als vet. Duiven die te mager worden ingekorfvd, raken op
- Oriëntatie — over grote afstanden is de roep op het navigatievermogen groter
- Mentale kracht — duiven die snel opgeven bij tegenwind of moeilijke omstandigheden, halen de fondafstanden niet
Hoe bereid je duiven voor op de fond?
Begin met korte vluchten en bouw langzaam op. Duiven moeten geleidelijk leren omgaan met langere inspanning. Overhaast opbouwen leidt tot uitval.
Voeding in de aanloop naar fond: iets meer vet en eiwitrijker dan bij korte vluchten. Maïs, zonnebloempitten en lijnzaad zijn nuttig in de week voor een fondvlucht.
Wat als een duif niet terugkomt van de fond?
Bij fondvluchten is het normaal dat niet alle duiven dezelfde dag terugkomen. Sommige duiven rusten onderweg, anderen vliegen in kleinere etappes. Kijk naar de ouders voordat je een duif meegeeft aan een grote afstand, niet elke duif is een lange afstandsvlieger.
Meer lezen: Dagfond – de eerlijkste wedstrijd | Snelheid van postduiven | Postduiven houden





